Money, so they say…


Yvette Ross woont in Rio en schrijft voor Zeilhelden in de aanloop naar de Olympische Spelen over het leven in Rio, de eigenaardigheden van de Brazilianen en ze geeft tips aan Rio-gangers.

Dat Nederland anders is dan Brazilië komt in veel aspecten tot uitdrukking en aan veel dingen kun je wennen. Waar ik heel gemakkelijk aan heb kunnen wennen waren bijvoorbeeld het klimaat, de caipirinha, churrasco en de warme persoonlijke benadering van de Brazilianen. Maar, er zijn ook kanten waar ik nooit aan kan wennen zoals de grote ongelijkheid in deze maatschappij.

Verkopersstrand

Het geld in Brazilië is ongelijk verdeeld, “weinig mensen hebben veel en veel mensen hebben weinig” zoals één van onze portiers het simpel doch doeltreffend onder woorden bracht. Heel veel mensen werken hard voor weinig geld. In Rio zijn er bijvoorbeeld strandventers die dagen lang met blote voeten over het hete strand lopen en hun waren luid roepend aanprijzen en in de straten van Zona Sul tref je naast straatventers ook nog ambachtslieden zoals de scharensliep en de stoelenmatter. Wil je met de auto parkeren in één van de straten, dan word je voor een klein bedrag begeleid naar een lege plek. De mannen en vrouwen die dit werk doen, mogen de helft van hun inkomsten houden, de andere helft is voor de gemeente Rio. Maar let op, er zijn ook clandestiene aanbieders! Bij de verkeerslichten en tussen de files worden snoepgoed en water verkocht en in de weekenden komen moeders met kindertjes uit de omliggende favela’s naar Zona Sul om snoepgoed te verkopen. Allemaal om eten op de plank te krijgen.

Maar, niet iedereen kan of wil werken. In de winkelstraat van Leblon lijken iedere dag meer daklozen hun plekje te vinden. Mensen met een mentale of fysieke beperking voor wie in Brazilië geen sociaal vangnet is, maar ook tieners die blijkbaar geen thuis meer hebben. Ze slapen op kartonnen dozen en krijgen af en toe geld van voorbijgangers. Zelf geef ik liever eten en probeer dan ook nog iets gezonds aan te bieden. Maar, eigenlijk doe ik het alleen maar om mijzelf een beter gevoel te geven, want het doet me pijn dat deze mensen op straat leven.

       Het is trouwens niet altijd kommer en kwel.

Laatst was er een man aan het bedelen om geld voor de winkel waar ik moest zijn en ik besloot wat eten voor hem te kopen, maar hij weigerde het aan te nemen. Hij wilde namelijk een broodje bij McDonalds kopen en daarvoor had hij R$15,- nodig. “Uhm, ok, weet je zeker dat je dit niet wilt? Dit is veel gezonder dan McDonalds. Waarop zijn antwoord hoofdschudden was: Nee, ik wil graag een McDonalds broodje. Hij was zó volhardend dat het bij mij en de kassière een lach op het gezicht bracht.

Aan de onderkant van de samenleving is er helaas ook een groep mensen die door te stelen en door de rijken te beroven, probeert te overleven. In een eerdere blog schreef ik dat ik ben gewaarschuwd voor overvallers en gelukkig ben ik er nog steeds niet mee geconfronteerd. In de straat waar ik nu woon is 24-uurs bewaking die vooralsnog een preventieve werking heeft. Vooralsnog, want bewaking is geen garantie. Mét persoonlijke bewaking is anderhalve week geleden de dochter van de gouverneur van de staat Rio een straat verderop overvallen terwijl ze met vrienden in de auto zat. Gelukkig zijn ze alleen beroofd van waardevolle spullen en niet van hun levens.

Aan de bovenkant van de samenleving wordt gestolen ‘met de pen’, ofwel politici die hun zakken vullen ten koste van het volk. De kranten staan er vol van, Brazilië verkeert in de ergste crisis sinds begin jaren ’90 en corruptie ligt daaraan ten grondslag.

 In Jip-en-Janneke-taal, als een klus werkelijk R$1000 kost,
is het niet gek als de factuur R$10.000 bedraagt.

Dat heet dan een ’nota superfaturada’ ofwel een ‘overpriced factuur. Het verschil wordt uiteraard gedeeld en zo ‘verdienen’ enkelen grof aan maatschappelijk geld. Maar, corruptie wordt gelukkig ook aangepakt. In geuren en kleuren hebben de portiers van ons gebouw mij verteld dat er begin van dit jaar bij het appartementengebouw tegenover ons een inval is gedaan door de Federale Politie. Wat bleek, de persoon die ze kwamen oppakken, had een grote koffer geld in zijn appartement. “Een koffer!!!!” Misschien was hij bang dat de bank van hem zou stelen?

Het nieuws dat er geen geld is om leraren, brandweer of politie te betalen wordt door de hardwerkenden, zoals onze portiers, dan ook met ongenoegen aangehoord want het geld wás er wel, maar is in de broekzakken van enkelen verdwenen. Er staat hier dan ook niemand raar te kijken als de politie bij een verkeerscontrole vraagt om de bekeuring direct in cash te betalen. Dit sentiment ligt overigens ook ten grondslag aan de kritische houding van het volk tegenover de Olympische Spelen. Men is niet zo zeer kritisch over de Spelen zelf of over het lange termijn doel dat wordt beoogd met bijvoorbeeld de metro of een busbaan, maar wel over de kosten van deze grote infrastructurele projecten. Men is ervan overtuigd dat óók deze projecten met een ‘nota superfaturada’ gepaard gaan “terwijl de brandweermannen geen eten meer krijgen!”, aldus onze portier.

superfaturada

Arm of rijk, zonder uitzondering hoopt iedereen tijdens de Olympische Spelen wat extra geld te verdienen en dat begint nu al. Hotels zijn onbetaalbaar en eigenaars van vastgoed zetten hun appartementen voor veel geld te huur. Door de economische en politieke crisis is de Real flink in waarde gedaald waardoor makelaars adviseren om de huurprijzen in Euro’s of Dollars vast te zetten. Voor diverse mensen ben ik op zoek naar een geschikte verblijfsplaats tijdens de Spelen en kom extreme prijzen tegen. Met droge ogen is me verteld dat US$8000 voor 10 nachten in een 6-persoonsappartement een koopje is. Er is me ook een 10-persoonsappartement voor €30.000 aangeboden met de opmerking dat ik waarschijnlijk niks goedkopers ga vinden! Tja, en zo worden de rijken nog rijker…

Yvette Ross

Reacties

Reacties