Domino en Maartje #2

Ik ben Maartje, 21 jaar oud, studeer biologie, en sinds mijn 15e heb ik een hele grote droom. De wereld rondzeilen op een eigen boot! Nu zie ik u denken, hoe komt ze daar nou bij? Dat dacht ik ook, aangezien ik zeilen vroeger helemaal niks vond. Maar toen ik in 2015 mee ging met het project genaamd ‘School at Sea’ was het zaadje geplant. Tijdens School At Sea voer ik met 33 andere leerlingen op een Tall Ship naar de Caraïben en terug, terwijl we ons schoolwerk aan boord bijhielden. Een geweldige ervaring die mijn hele leven heeft veranderd.

Mijn leven draait eigenlijk om bootjes. En dan voornamelijk zeilboten natuurlijk. Mensen om mij heen weten dit, dus wanneer zij naar mij toe komen met de vraag; “Hoe is het met jou?” Verandert dat al snel naar “En hoe is het met de boot?”

En dan vertel ik graag over alle dingen waar we zoal tegen aanlopen aan boord. “Ben je al wat opgeschoten met dat lekkende raam? Nee, nog niet. Maar snel! Hoe zit het dan met het grootzeil dat niet lekker paste? Ja, nee, dat hebben we bijna opgelost, maar nu loopt de kar niet lekker. Maar de ankerlier dan? Het seizoen begint al bijna! Ja ik weet het… maar…”

Tegenwoordig beginnen de gesprekken met “En, is je boot nog steeds stuk?”

Nu snap ik waar mijn opa het vroeger over had. Zeilen? Je kan beter onder een koude douche gaan staan en briefjes van 100 gulden verscheuren. Koop een boot, werk je dood.

Soms lijkt het alsof die immense klus lijst nooit stopt. Heb je net een ding opgelost, komt spontaan het volgende probleempje weer naar boven. Sprekende over ‘probleempjes’, want de grote ‘problemen’ zijn nog een heel ander verhaal. Zoals een vuilwatertank, ergens verstopt in de boot, die we niet geleegd krijgen. Of een verwarming die maar blijft roken.

Ik moet loslaten dat een boot ‘perfect’ moet zijn om mee te varen. Dat ‘perfect’ lukt natuurlijk niet, de kluslijst haalt je rechts en links in. En weetje? Dat is oké. Kleine stapjes richting het grote doel, terwijl je je boot nog leert kennen ook. (Een vaak terugkomende opmerking als het klussen even wat minder gaat).

Dus bijna ieder weekend stappen mijn vader en ik in de auto en gaan we naar de haven, vol goede moed om deze probleempjes aan te pakken. De avond van tevoren hebben we met papier en al precies uitgedacht hoe we een bepaald probleem op gaan lossen.

Na een korte inspectie van de patiënt van die dag (een rolfok systeem wat heel zwaar draait) en een kop koffie beginnen we met ‘klussen’. Zit je dan, op de voorpiek met een plastic bak om eventuele schroefjes op te vangen, terwijl je met een hele bijzondere (dure) tang, speciaal voor de rolfok, deze probeert open te wrikken. Gelukkig met succes!

Ik kijk mijn vader aan en vraag of de binnenkant van het systeem zo vies hoort te zijn. Hij schudt zijn hoofd. Schoonmaken dus. Aarzelend laten we het systeem even rollen. Dit rolt beter dan eerst… toch? Nog een keer schoonmaken. Nee nu rolt het echt beter toch? Jawel… We gokken het erop. Nieuw vet erin en dicht maken die handel, het is al laat en we moeten nog eten.

Aan het einde van zo’n klusdag loop ik met mijn vader over de steiger naar de auto. Een prachtig jacht glimt je tegemoet en alles ziet er tiptop fijn uit. Geen groen, geen vuil, lijkt als nieuw. Zelfs de rolfok ziet er heel draaibaar uit.

Ik fluister zachtjes tegen mijn vader: “zij zullen toch ook wel last hebben van de problemen waar wij tegen aan lopen?”

Gelukkig antwoord mijn vader dan: “ja hoor, iedereen, sommigen weten het gewoon net iets beter te verbergen.”

Maartje

Reacties

Reacties