Hondenwacht 22 – Blijf hier weg!

Volgens de kaart varen we in een militair oefengebied voor onderzeeërs. Een Franse stem over de marifoon waarschuwt alle schepen. ‘Blijf hier weg, hou tenminste 7 mijl afstand tot ons oorlogsschip!’
De stem op de marifoon wordt dringender en ratelt een lange boodschap.

Read more

Hondenwacht 19 – Windkracht acht?

‘We kunnen de storm wel uitrijden,’ zegt de schipper, ‘windkracht acht op open zee is niet zo erg.
Het trekt me niet. Veel wind kan een zeiler op zee overkomen, maar om een herfststorm op te zoeken?
‘Wat als het negen waait?’
‘Wat als het maar een dikke zes blijkt,’ is zijn tegenvraag.
Even aarzel ik. Ontzeg ik mezelf nu een bijzondere ervaring, vraag ik me af, moet ik dat willen meemaken, storm op zee?

Read more

Hondenwacht 17 – Het einde der tijden

Raceauto’s op een circuit, daar doet het geluid aan denken. De wind giert over ons heen. In een baai liggen we voor anker, vlak achter een steile rots en een hoge kade. In mijn slaapzak lig ik na te dromen van zomaar acht uur ononderbroken slaap. Buiten een nog uitgestorven stadje.
De schipper slaapt nog in het vooronder. Lekker dit, even niksen en geen wachten draaien. Niks is meer dan genoeg. Ik hoef de boot niet af. Laat maar zo. Nu pas hoor ik hoeveel herrie zee en golven maken als je vaart.

Read more

Hondenwacht 16 – Zere kont

Zo. Het staat er. Ik heb het toegegeven. Ik verveel me en ik wil slapen. Of heb ik slaap en is het daarom dat ik me verveel? Zeezeilen is als reizen met een boerenkar. Het schiet niet op en na verloop van tijd krijg je een zere kont en wil je er zijn.
‘Twee heren in een trekschuit,’ zeg ik, zo ziet het eruit.’ We zitten aan de dinette en eten. Buiten glijdt de zee gestaag en traag voorbij.

Read more